De keerzijde van extreem vertrouwen

“Oh wow, you’re just doing it!”, roept een wandelaar die ik passeer.

Ze is op-en-top gekleed voor een lange afstandswandeling, walking sticks, afritsbroek, licht bepakte quechua rugzak, koord voor de camera om haar nek die ze te pas en onpas optrekt.

“What?” vraag ik, terwijl ik wel weet waar ze op doelt. Ik vertraag mijn pas en loop met haar op.

“I just discouraged my daughter to do such a thing with her newborn”, zegt ze enigszins bedremmeld.

“What a coincidence!”, reageer ik, “I was just sent by your daughter to give you a message.”

Ze moet lachen, “I have so much fears, four children and ten grand children, I’m walking the camino to face my fears. Buen caminó!”


Het is een ontmoeting die volgt op een stormachtige week van discussies, twijfels en zorgen.

Aan de voeten van de Pyreneeën is de bom gebarsten die een tijdje smeulde in de op-afstand-gesprekken met mijn ouders. Ze maken zich thuis grote zorgen over de motorische ontwikkeling van hun kleinkind. Maar laten dat slechts door de regels heen merken, omdat ze bang zijn ons op de tenen te trappen. Tot ik in het laatste gesprek genoeg heb van de verkapte boodschappen en ze vraag zich uit te spreken.

Na de langverwachte boodschap aangehoord te hebben, hang ik op en hoop daarmee het onderwerp af te kunnen doen. Ik denk me los te kunnen maken van de eeuwige ouderlijke zorgen, die nooit op lijken te houden, hoe oud je ook bent.


Echter, wanneer ik mijn reisgenoot aankijk, zie ik de krater die de bom heeft veroorzaakt. Ze is een stuk gevoeliger voor bommetjes en zorgen, juist omdat twijfel onderdeel is van haar inborst.

Hét onderwerp dat als een zwaard van Damocles al die tijd boven ons hoofd heeft gehangen, is niet meer van tafel te krijgen:

Doen we met deze reis nog wel goed aan de ontwikkeling van onze kleinste reisgenoot?

Want waar ze in het begin van de reis nog klein was en veel sliep, is ze nu veel beweeglijker en op zoek.

Ik schiet in de reflex die de relatie met mijn ouders typeert: opgroeien onder een streng maar veilig regime heeft me een goede basis gegeven, maar allergisch gemaakt voor iedere vorm van zorgelijke opmerkingen.

‘Durf te vertrouwen’ is de stellige tegenreactie die ik door de jaren heen heb ontwikkeld, vertrouwen op dat dingen ten positieve keren, vertrouwen op dat zo’n onmogelijke reis mogelijk is. Vertrouwen dát we Santiago bereiken. Het is precies dat vertrouwen waar ik al die maanden op heb kunnen lopen zonder te bezwijken.

Ik benadruk dat we vooral moeten kijken naar hoe ze lacht en gelukkig oogt. Want dat doet ze: lachen en schateren, de hele dag door.

Maar dat haar moeder zich zorgen maakt over het feit dat ze nog niet zelfstandig kan zitten, laat staan kruipen, wuif ik weg.


Dus gaat mijn relaas naar mijn reisgenoot over dat er altijd wel iets is op te merken. Dat de nadruk op het zorgelijke of het negatieve van een initiatief alles dood slaat. Dat zorgen voor morgen de dag van vandaag verpesten.

Omdat de twijfel niet weg gaat in de dagen die volgen, zet ik mijn volume harder. Dat angst is als een virus, en van het besmettelijkste soort. Ergens in die week van zorgen kan ik zélf de verleiding niet weerstaan en google “kind lacht te veel stoornis”. Google leidt me nog naar afgrijselijke resultaten ook.

Bij het bespreken van een komend blogthema vraagt een Fitch collega wat het overtrokken gedrag van ‘vertrouwen hebben’ is. Ieder krachtig gedrag kent toch zijn kwetsbare variant? Maar ik moet haar het antwoord schuldig blijven. Ik blijf volharden, vertrouwen is toch alleen maar positief?

Zeven dagen soebatten we terwijl we met wonderlijk gemak de Pyreneeën overtrekken. We doen onze aanpassingen om de bewegingsvrijheid van de kleine reisgenoot te vergroten.

Omdat we echter niet op één lijn komen wordt onze last zwaarder en zwaarder.

Tot afgelopen vrijdag aanbreekt. Met een café con leche en hetzelfde gespreksonderwerp, starten we ons dagprogramma in een plaatselijke café in een uniek havenplaatsje aan de Spaans-Baskische kust.


Na mijn zoveelste betoog, kijkt mijn reisgenoot me zorgelijk en doordringend aan. Ze zegt, “Ik begin me zorgen te maken over joú, ik herken je niet meer, je hebt je mond vol over vertrouwen maar ik zie vooral iemand die niet met twijfel om kan gaan. Maanden reizen we geïsoleerd, het is tijd om andere perspectieven en expertisen toe te laten van mensen die ervoor hebben gestudeerd.”

Ik wil mijn mond nog open doen, maar ze gaat door.

“Je hebt het over vertrouwen vertrouwen vertrouwen, maar ik zie vooral iemand die is doorgeslagen in zijn eigen overtuigingen, en iedere vorm van tegengeluid uit de weg gaat.”

“Ik zie een extremist.”

Ik ben compleet uit het veld geslagen.

Gevloerd door dat ene woord loop ik naar de toilet.

In de spiegel ontmoet ik een verwilderde man met een vreemde starre blik in zijn ogen. Zijn verweerde gezicht omlijst met wierig zeemanshaar en een woeste baard.

Als een donder die ik in de verte opeens gewaarword, heb ik het gevoel dat ik ontwaak uit een droom.

Op dat moment realiseer ik mij dat de ban is gebroken. Ik ben aangekomen op mijn bestemming.

De reis is ten einde.

Vector Illustration of a Vintage Movie Frame End Curtains

Gerelateerde inspiratie

#blogging

Neem direct contact op!

12    1

5    0

9    1

6    0

8    0

7    1

#BEN JIJ EEN VOLGER?
Mail [email protected] Bel 088 556 1490 Stuur een WhatsApp

Concordiastraat 68, studio 128
3551 EM Utrecht